|
|
|
Vanaf 5/2/2002 start de Alternatieve Gazet. U vindt er alternatief nieuws over milieu, samenleving, politiek, religie, geneeskunde, gezondheid, cultuur, holistische levenswijzen , enz.
Er wordt aandacht besteed aan alternatieve ontwikkelingen die kunnen bijdragen tot een betere maatschappij. Zo besteden we deze maand bijzonder aandacht aan alternatieve geneeswijzen die met succes kanker behandelen. Iets wat u nooit, of vrijwel nooit in de krant of op het tv journaal hoort.
De Alternatieve Gazet wil ook een forum zijn voor iedereen die op alternatief vlak aktief is of interesse heeft. Als u een artikel wilt plaatsen, informatie heeft die voor anderen interessant is, kunt u die opsturen naar ons e-mail adres: dealternatievegazet@hotmail.com . Dit wordt dan, na evaluatie door onze redactie, eventueel gepubliceerd. Gelieve steeds uw naam en ook de bron of bronnen te vermelden.
In Groot Britanië en Ierland is er op dat ogenblik sprake van een mazel epidemie. Maar dit is niet het enige probleem waarmee de Britten en de Ieren geconfronteerd worden. Volgens sommige artsen, ouders en onderzoekers leid een veelgebruikt mazel-vaccin op korte termijn mogelijk tot autisme bij sommige van de ingeënte kinderen. Het Brits ministerie van gezondheid beweert dat er helemaal niets bewezen is en er dus niets aan de hand is.Het zal wel inbeelding zijn van de ouders , zoals de Coca Colavergiftigingen volgens de Belgische regering een paar jaar geleden ook inbeelding en massahysterie waren van de betrokken ouders en kinderen. Mogelijk zal de Britse minister van volksgezondheid een onderzoek bevelen.
De vraag is door wie: de farmaceutische industrie zelf misschien, of de ‘wetenschappers’ die bij de ontwikkeling van het ‘medicijn’ zelf betrokken waren?
Vijf jaar geleden werd Dolly, het gekloonde schaap met veel trompetgeschal aan de wereld voorgesteld. De kloon-wetenschap-industrie deed alsof weldra ook het klonen van mensen binnen het -comercialiseerbaar- handbereik lag.
De realiteit ligt echter anders: het arme schaap Dolly vertoont nu reeds een aantal ouderdomsverschijnselen waaronder artritis, iets wat zeer zelden voorkomt bij schapen.
Voorts blijft het klonen zelf één geklungel: slechts enkele pogingen op de honderd slagen: dwz op honderd pogingen om een schaap te klonen sterven er minstens 90 foetussen af. De meeste andere lammeren (of andere dieren) sterven kort na de geboorte. Vele gekloonde dieren hebben van bij de geboorte reeds kwalen. Bovendien blijkt dat de 2e of 3e generatie van de gekloonde dieren onvruchtbaar is.
Dit alles leidt tot een nog steeds toenemende discussie… ook onder de voorstanders van het klonen.De meesten onder hen zijn om bovenstaande redenen radicaal tegen het klonen van mensen en noemen de plannen van hun collega wetenschappers om mensen te gaan klonen zondermeer misdadig.
Dat vele mensen (mannen en vrouwen) onvruchtbaar zijn in het Westen is een spijtige zaak natuurlijk maar het klonen van kinderen zou (zal?) de toekomstige ouders nog veel lijden bij bezorgen. En wat met de tientallen foetussen die eerst opgeofferd worden voordat er één ‘geslaagd’ kind wordt geboren? Deze vraag wordt in de medische wetenschap/industrie al lang niet meer gesteld.
Waarom trouwens is er zoveel onvruchtbaarheid in het Westen? Vanzelfsprekend houdt dit verband met de levenswijze, de voeding, gebruik van hormonen, medicijnen, enz. Ook hiervoor zijn de meeste onderzoekers blind.
Het Amerikaans leger is bezig met het kruisen van geiten en koeien met …spinnen. Door genetische manipulatie plant men een gen uit spinnen in de koe of de geit. Daardoor zou de geit in plaats van melk spinrag produceren. Spinrag is (verhoudinsgewijs) een van de sterkste stoffen ter wereld. De bedoeling is om met deze ‘melk-rag’ een flinterdunne draad te maken die gebruikt zou worden om uiterst dunne, doch ijzersterke kogelwerende vesten te maken voor het Amerikaans leger.
Zo zien we weer eens dat de gen-technologie tot nut van iedereen wordt aangewend…..
De ‘ijs-man’ die enkele jaren geleden gevonden werd in een gletsjer in Oostenrijk – sommigen zeggen Italië – zorgde toen voor heel wat opschudding. Er was niet alleen het geruzie tussen Oostenrijk en Italië over van wie de ijs-man nu eigenlijk was, zijn nationaliteit dus. Eerst dacht men overigens dat men te maken had met een vrij recent overleden slachtoffer van een ongeluk of zelfs moord wegens de goede staat waarin het lijk werd teruggevonden. Deze mogelijkheid werd al vlug terzijde geschoven toen men vaststelde dat de persoon zo’n 5000 jaar oud was.
Men ontdekte na een poos nog een opmerkelijk gegeven: de man had op zijn lichaam een aantal punten getatoeëerd. Deze bleken , volgens acupuncturisten, exact die punten die nodig waren om de artrose, waaraan deze Europese voorouder leed !
De kennis van acupunctuur bestaat dus niet alleen al zolang in China , India en andere Aziatische landen, maar werd toen ook reeds toegepast in Europa.
Nieuw
boek over de behandeling van kanker
Onlangs verschenen: ‘ Down Down Cancer’ van Kailash C. Saigal. Dit boek gaat er van uit dat kanker best te genezen/te voorkomen is door de basisvoorwaarden voor de ontwikkeling van kanker te behandelen met kruiden en aangepaste voeding. Het boek is te bestellen bij:Motilal Banarsi Das, New Delhi, India. http://www.mlbd.com
SAI, een vereniging die zich bezig houdt met de studie van indiaanse culturen in Noord en Zuid Amerika organiseert een lezing over de geschiedenis, afkomst en gebruik van Hopi oorkaarsen.
Op vrijdag 22 feb 2002. meer info: saivzw@yahoo.com of tel: 03 239 46 09
Nieuwe UFO golf boven België?
Na de UFO golf van 1989 boven België, met de bekende driehoek, die toen wel de pers haalde, wordt er nu opnieuw medling gemaakt van deze driehoeken boven België (december 2001). Hebt u zelf een UFO waarneming gedaan, meld het ons.
Krishnamurti video online
Krishnamurti over persoonlijke vrijheid en de geestelijke transformatie van het individu. Bekijk het fragment hier .
Astrologie aan de universiteit.
Aan de universiteit van Lucknow, hoofdstad van de staat Uttar Pradesh, Noord-India, wordt binnenkort de Indische astrologie als richting onderwezen;
100% biologische katoen.
T-shirts maken deel uit van ons dagelijks leven. Ze zijn echter minder onschuldig dan ze lijken. Of dacht u dat katoen altijd even natuurlijk is als het wordt voorgesteld? Deze tak van de textielindustrie is juist heel vervuilend. De bodems raken uitgeput door de intensieve monocultuur, 'doping' met kunstmest is dan ook niet uit de lucht. Op insecticiden wordt zeker niet bespaard; schadelijke insecten moeten en zullen bestreden worden. En wat zou beter kunnen zijn dan een ontbladeringsmiddel om het mechanisch oogsten van katoen gemakkelijker te maken? Voor meer klik hier .
Ontmoeting
Greenpeace-mengvoedersector
Brussel, 18 januari 2002: Greenpeace en de belangrijkste bedrijven uit de mengvoedersector hebben deze voormiddag overleg gepleegd op de zetel van de beroepsvereniging van de mengvoederfabrikanten (Bemefa) te Brussel. Greenpeace heeft er haar vraag naar een GGO-vrije voedselketen herhaald. Meer bepaald eist Greenpeace van de mengvoederbedrijven dat zij niet langer GGO-grondstoffen in het dierenvoeder mengen. Voor meer klik hier.
Manifestatie
GAIA tegen dierenmishandeling
Op 17 februari 2002 om 14 uur betoogde GAIA bij het Justitiepalies Brussel , Poelaertplein. Voor meer nieuws klik hier.
V-DAY
EVA (Ethisch Vegetarisch Alternatief) brengt verslag uit van de eerste V- DAY, de Dag van het Vegetarisme. Klik hier voor meer.
Genetische
Manipulatie
De Natuurwetpartij geeft interessante en begrijpelijke informatie over alle aspecten en risico's rond genetisch gemanipuleerde voeding. Klik hier voor meer.
Vernietigde
Boeddhabeelden in Afghanistan worden heropgebouwd.
Nadat ze door de fanatieke Talibanstrijders werden opgeblazen, zijn er nu een reeks initiatieven genomen om de eeuwenoude Boeddhabeelden van Afghanistan herop te bouwen. Een van de initiatieven vindt u op www.newsevenwonders.com . Zo zal het religieus fanatisme hier niet het laatste woord hebben.
Monsanto:
Wereld heeft meer voedsel nodig.
De multinationale chemieproducent en één van de belangrijkste promotoren van genetisch gemanipuleerde zaden Monsanto beweert: om het huidige en toekomstige voedseltekort in de wereld op te lossen moet de wereldvoedselproductie met een derde stijgen.Zoniet stevent de wereld -volgens hen- af op een niet te overzien mondiaal voedselprobleem.
Vanzelfsprekend zal Monsanto dan wel de genetisch gemanipuleerde zaden en (niet onbelangrijk) tevens de daarbij behorende pesticiden en insekticiden leveren aan een vette prijs, zodanig dat ze tweemaal winst maken.Want dat is natuurlijk de bekommernis van deze giganten, en niet het wereldvoedselprobleem. Overigens is er geen mondiaal geen voedseltekort. Er is genoeg voedsel, alleen is het slecht verdeeld. Daar zijn verschillende oorzaken voor: onrechtvaardige verdeling van de rijkdommen, oorlogen, enz
Britse
onderzoekers: genetisch gemanipuleerd voedsel niet veilig!
Voor de BBC verklaarden Britse onderzoekers dat het eten van genetisch gemanipuleerde voeding niet veilig is omdat er veel te weinig onderzoek naar gedaan is. Het is volgens hen niet voldoende om een bepaald product (plant) te onderzoeken op de aanwezigheid van de nodige voedingsstoffen om -als die bepaalde voedingsstoffen inderdaad aanwezig zijn - ze vervolgens veilig te verklaren.Volgens hen is er lange termijn onderzoek nodig om de reële effekten vast te stellen.
Canada:
Ontstaan nieuwe plantenziekten
In Canada heeft men vastgesteld dat genetisch gemanipuleerde planten zich gekruist hebben met natuurlijk planten uit hun omgeving. Eveneens blijkt dat er bij deze 'nieuwe' planten ook nieuwe ziekten zijn opgetreden.
Mbeki
heeft andere kijk op AIDS
President Mbeki van Zuid Afrika wees in een toespraak van 8 februari 2002 op het belang van een intelligente aanpak van het Aids probleem. Hij benadrukte o.m. de noodzaak om het Aids probleem te situeren binnen een bredere sociale en medische context. Hij legde het verband tussen gebrekkige voeding en een ongezonde levenswijze en de lage natuurlijke weerstand bij aidslijders. Eerder heeft Mbeki reeds gewezen op de gevaren van de klassieke Aidsbehandeling met agressieve medicijnen. Wat hem een reeks aanvallen van de multinationale farmaceutische industrie en van grote delen van de internationale pers opleverde.
Aan de andere kan zijn er steeds meer wetenschappers die inderdaad aantonen dat het aidsvirus zelf niet het kwaad aanricht, maar het gebrek aan natuurlijke immuniteit door eenzijdige, energie ('chi') arme voeding, drug- en medicijjngebruik, stralen, een ongezond milieu, enz.
Diepzeevisserij
schaadt ecosysteem
Wetenschappers in Boston (USA) melden dat de diepzeevisserij het zee- ecosysteemp zeer ernstig schaadt. Deze manier van vissen maakt gebruik van een militaire sonartechniek genaamd " High Power Sonar" (HPS) en stelt vissers in staat op grote diepte en massaal te vissen. Het blijkt nu, na onderzoek, dat het diepzee-ecosysteem ter hoogte van Nieuw Zeeland de laatste tien jaar enorm heeft geleden en het visbestand zeer drastisch (tot 90 %) gedaald is. Dezelfde wetenschappers pleiten nu voor een totale bevriezing van deze vistechnieken.
Leeuwin
adopteert voor de tweede maal !
Nadat ze een aantal weken geleden een antilope jong adopteerde, dat na twee weken door een mannetjesleeuw werd gedood heeft de afrikaanse leeuwin nu een onyx (antilopesoort) jong geadopteerd.Alle theorieën van alle specialisten worden hiermee zondermeer op hun kop gezet!! Ondertussen gaat de alwetende 'wetenschap' verder met de discussie of dieren eigenlijk wel gevoelens kunnen hebben.
De
ACMOS methode.
De 'Acmos' methode is een diagnosesysteem dat de verstoringen in de lichaamsenergie en de aardenergie (aardstralen) opspoort. Het kan gebruikt worden bij wichelroedelopen , Feng Shui , en Vastu (het Indiase Feng Shuisysteem).Een workshop en opleiding in dit systeem wordt in februari 2002 gegeven in Indore, Indië. Meer informatie: e-mail naar : ivvrf@sancharnet.com
Nieuwe
sporen van Atlantis?
Eind 2001 werd voor de westelijke kust van Cuba onder water een reeks van bouwwerken aangetroofen door een ploeg van professionele schattenjagers. De bouwwerken omvatten ondermeer: piramideachtige structuren, gebouwen en een lange aangelegde weg. Verschillende van deze door mensenhanden gemaakte bouwwerken zijn deels door gestolde lava overdekt.De ouderdom van deze 'stad' wordt door dezelfde onderzoekers op minstens 6000 (!) jaar geschat. Dit is heel wat meer dan de ouderdom van de bekendste Midden- en Zuidamerikaanse oude culturen. Een nieuwe uitdaging voor wetenschappers met een open geest.
Overigens werd vorig jaar ook voor de kust van India een andere onderwater- 'stad' ontdekt. De ouderdom van deze 'stad' wordt op 10000 jaar geschat. Dit is ongeveer de periode waarin volgens vele Atlantis- specialisten de grote Atlantis ramp(en) zich voordeden.
Vraag: Wat gaat de klassieke wetenschap doen met deze twee spectaculaire ontdekkingen??
UFO
waarneming in Oost Vlaanderen
Stekene, Oost Vlaanderen, Donderdag 14 .02.02. Toen E.S. rond middernacht haar hond in de tuin uitliet merkte zij plots een blauwachtig licht op in de lucht. Dit kwam gestaag dichterbij en bleef toen op een afstand van enkele tientallen meters boven de tuin hangen. Het 'licht' had de vorm van een peer en was helblauw met in het midden een wit licht. Op een bepaald moment verlicht deze ufo de omgeving zodanig dat het leek alsof het overdag was. Na enkele minuten maakte de ufo enkele schommelbewegingen en schoot daarna vliegensvlug weg.
Homeopathie
wordt bedreigd in Nederland
Het Nederlandse Ministerie van Volksgezondheid (?) heeft de aanval ingezet tegen de homeopathie. Vele homeopatiche middelen die al tientallen jaren hun nut hebben bewezen moeten opnieuw worden goedgekeurd. Zo besliste minister Borst. Voor grote bedrijven als VSM en Biohorma (Vogel) is dat geen probleem, maar voor de kleine bedrijven is er een onoverkomelijk obstakel: de goedkeuring van één product kost 4500 Euros ! Zo zullen verschillende producten en zelfs kleine bedrijfjes gewoon verdwijnen.
Minister Borst negeert hiermee totaal een opiniepeiling waarin 63 % van de Nederlanders zich uitspreken voor Homeopathie. Is de minister gewoon dom en arrogant of zit ze ook 'in de zak' van de farmaceutische industrie?
Deze maatregel zal echter het gebruikt van homeopathische medicijnen en andere 'alternatieve' middelen niet stoppen:Mensen zijn wel zo creatief en vindingrijk dat ze wel een oplossing vinden voor dit probleem. Het gebruik van alternatieve medicijnen en technieken is bovendien al zodanig ingeburgerd dat dit niet meer tegen te houden is.
School
voor Homeopathie
De Nederlandse School voor Homeopathie geeft diverse opleidingen in Homeopathie. Meer informatie: www.schoolvoorhomeopathie.nl
De methoden van behandeling van kanker die vandaag het meest worden toegepast,
richten zich op behandeling van het symptoom, een gedachtengang die overheersend
is in de westerse geneeskunde. De officiële kanker-therapie bestaat in
hoofdzaak uit drie wijzen van behandeling : opereren, de oudste van de drie
en in het algemeen zelfs vandaag nog in de eerste plaats op een patient toegepast;
wegbranden door bestraling en het toedienen van medicijnen, de chemotherapie
(zwaar giftige chemische verbindingen).
Alle drie methoden zijn kostbaar en aangezien de technologie die hierbij te
pas komt zeer ingewikkeld is en de symptomen en niet de patient behandeld worden,
vereisen zij een onafgebroken investering van geld voor rekening van diegene
die de declaraties moet betalen.
In mijn vorige artikel in Bres 71 heb ik er al op gewezen dat de medische industrie
in de geïndustrialiseerde westerse landen een veilige groei-industrie is
voor de belegger. Elk jaar neemt haar aandeel in de economie van het land toe.
De V.S. zijn nogal typerend voor de westerse naties en daar wordt aan behandeling
van kanker ongeveer een zevende van alle medische kosten uitgegeven, d.w.z.
twintig miljard dollar per jaar. De farmaceutische industrie, artsen, particuliere
kankerfondsen en anderen wier broodwinning van de ziekte afhankelijk is, zijn
het erover eens geworden om de drie bovengenoemde behandelingswijzen te betitelen
als een "bewezen geneeswijze voor kanker", wat lichtelijk een eufemisme
is. Deze geneeswijzen vormen eigenlijk een tamelijk grote microkosmos in het
hele systeem van de westerse geneeskunde, en een verbijsterend symbool voor
het totaal van het westerse leven: kostbaar, waardeloos, frustrerend en schadelijk.
Therapieën bestaan uit het gieten van geneesmiddelen
waar men niets van af weet in een patient van wie men nog minder afweet.
Voltaire
Toch is het schokkendste van alles het falen van de drie officiële
therapieën om de gesel van kanker tot staan te brengen. Ieder jaar, zolang
als statistieken worden bijgehouden, is hetaantal overledenen aan kanker steeds
toegenomen. In september 1976 vond in Washington D.C. een bijeenkomst plaats
van mensen die bezwaar hadden tegen deze therapieën en stelden dat de drie
behandelingen eigenlijk neerkwamen op wettelijk toegestane moord in zoverre
de patienten de neiging hebben sneller dood te gaan dan wanneer zij niet behandeld
worden. Een groot deel van mijn onderzoek heeft de juistheid van deze conclusie
bevestigd. Men mag zich wel afvragen hoe het mogelijk is dat een algemeen geachte,
zeer sterk gefundeerde gezondheidszorg zich met zoveel bedrog omringt. De ingewikkelde
antwoorden liggen begraven in een netwerk van economisch en professioneel eigenbelang,
waar politici, bankiers, artsen bij betrokken zijn, alsmede geneesmiddelenfabrieken,
liefdadigheidsinstellingen, professionele organisaties, nieuwsmedia en een onnozel,
angstig, ziekelijk kanker-vrezend publiek dat er al aan gewend is tien procent
van zijn inkomen uit te geven voor geneesmiddelen en medisch dienstbetoon.
Alvorens nader in te gaan op de kostbare orthodoxe behandeling van kanker is
het nuttig de overwegingen te vermelden van de bekende schrijver NICOLAS VON
HOFFMAN, die in de Washington Post van 2 februari 1977 werden gepubliceerd :
"Ilet hele doel van alle gezondheidsprogramma's is de professionele dienstverleners
te helpen en niet hun clienten". Von Hoffman citeert een studie van JOHN
Mc KNIGHT, hoogleraar in Communication Studies and Urban Affairs at Northwestern
University te Chicago die zijn bevindingen te berde bracht op het Eerste Jaarlijkse
Symposium over Bio-ethiek in Montreal in oktober 1976.
McKnight : "De zieke client is minder een persoon die hulp nodig heeft
dan iemand die men nodig heeft... In zakelijk termen : de patient is minder
de gebruiker dan de grondstof voor het dienstverlenend systeem. In economische
termen : de patient wordt zowel de output als de input. Zijn essentiële
taak is tegemoet te komen aan de behoefte van de dienstverleners, het dienstverlenend
systeem en de nationale economie" Von Hofman vat het dilemma als volgt
samen : "De vraag is of wij steeds zieker worden door meer medicijnen".
Dit artikel zal aantonen dat wat kankerbehandeling betreft het antwoord ja is.
Objectieve analyses van kankerbehandeling (en van alle symptomatische medische
behandelingen) zijn heel moeilijk te verkrijgen. Het is verrassend dat er zo
weinig studies over de resultaten van de drie kankertherapieën op tafel
zijn gelegd. Het is echter nog sterker. Het verkrijgen van nauwkeurige statistieken
over enige therapie is onmogelijk omdat heel vaak, in een uiterste poging, de
drie therapieën - mes, bestraling en medicijnen - gecombineerd worden.
Ondanks deze moeilijkheden heeft men toch getracht heel voorzichtig cijfermateriaal
te verkrijgen inzake de algemene resultaten van orthodoxe kankerbehandelingen.
Na die drie principieel verschillende therapieën ieder afzonderlijk beschouwd
te hebben zullen we trachten een overzicht van het totaal te verkrijgen.
Zoals met veel dingen het geval is in de moderne geïndustrialiseerde wereld,
wordt kanker benaderd volgens standaardmethoden en de bestrijding beperkt tot
kostbare, ingrijpende, technologische, chemische therapieën. Een voorloper
hierbij zijn de V.S. die zich op het ogenblik in het zevende jaar bevinden van
een door de regering gesteunde vele miljarden dollar vergende "totale oorlog
tegen kanker". Het staat nu absoluut vast dat deze oorlog niet gewonnen
is. En het staat evenzeer vast dat enorme winsten gemaakt zijn door diegenen
die het materiaal leveren voor de oorlogsinspanning.
Met de medewerking van het hele medische establishment heeft de American Cancer
Society, de grootste en rijkste particuliere liefdadigheidsinstelling in de
wereld, het punt waar het om gaat aan het publiek duidelijk gemaakt
"Het probleem is om kanker op te sporen voordat de ziekte zich verspreid
heeft, zodat het gezwel kan worden verwijderd door operatie of vernietigd door
bestraling of chemotherapie".
Zoals wij zullen zien is deze bewering een leugenachtig, gevaarlijk stuk propaganda.
Heel vaak verspreiden kankercellen wanneer zij met rust gelaten worden zich
niet verder ; integendeel, zij blijven plaatselijk, groeien heel langzaam en
zijn niet dodelijk. Sterker nog, operatie, bestraling en chemotherapie en vooral
deze laatste twee, zijn op zichzelf dodelijk en hebben onafgebroken gefaald
om een echt belangrijk kankergezwel "weg te nemen" of te "vernietigen".
De namen die wij aan dingen geven hebben een heleboel te maken met de manier
waarop wij die dingen zien... zo schijnen artsen bijvoorbeeld een voorkeur te
hebben voor zelfstandige naamwoorden waarmee zij ziekten aanduiden - epilepsie,
roodvonk, hersentumoren - en omdat deze toestanden met zelfstandige naamwoorden
worden aangeduid, worden zij voor ons dingen... Wanneer men bijv. een van deze
zelfstandige naamwoorden - roodvonk - verandert in een werkwoord - roodvonken
- word je er je ineens van bewust dat een ziekte eigenlijk een proces is.
OPEREREN
In 1866 publiceerde JOHN PATTISON in Londen een boek waarin
hij de nadelen beschreef van opereren en die vandaag nog gelden: "hetverwijderen
van een uiterlijk gezwel zoals bij het afsnijden van een knoest van een boom
schijnt soms de activiteit van de diathese (de aangeboren vatbaarheid voor de
ziekte) te vergroten en de fatale groei nieuwe energie te geven... Het totale
verwijderen van alle aangetaste stukken weefsel is vaak onmogelijk... Wanneer
kwaadaardige gezwellen met het mes worden verwijderd, is een terugkeer maar
al te waarschijnlijk".
In 1961 begon men in de V.S. met een zeer uitgebreide proefneming die men de
National Surgical Adjuvant Breast Project noemde. De bedoeling van deze proef
was uit te vinden wat de overlevingskansen waren van vrouwelijke patienten die
aan borstkanker geopereerd waren. Men onderscheidt daarbij twee soorten ingrepen,
de zg. mastectomie waarbij de gehele borst, de lymfevaten tot aan de oksels
en in sommige gevallen ook nog de ribben en naburig weefsel wordt verwijderd
en de lumpectomie, waarbij alleen de plaatselijke tumor wordt weggesneden. De
proef duurde zeven jaar en de conclusie die gepubliceerd werd in het medisch
tijdschrift Surgery Gynecology and 0bstetrics in december 1970 luidde dat er
geen aanmerkelijk verschil was in het percentage overlevenden tussen patienten
die slechts plaatselijk waren geopereerd en diegenen die een veel radicaler
ingreep hadden ondergaan.
HARDIN B. JONES, hoogleraar in de medische fysica en fysiologie aan de universiteit
van Californië vermeldt in Demographic Considerations of the Cancer Problem
in 1956 dat in het algemeen er geen significant verschil bestaat in de overlevingspercentages
van kankerpatienten die wel en die niet geopereerd zijn.
In 1969 deelde dr. Jones op de American Cancer Society's Science Writers Conference
mede "dat met betrekking tot chirurgische ingrepen geen verband is gevonden
tussen de intensiteit van de operatie en de duur van overleven bij waargenomen
kwaadaardige gezwellen".
Sterker nog : "De gebleken overlevingsverwachtingen van niet-behandelde
gevallen van kanker... schijnen groter te zijn dan die van de behandelde gevallen".
Operaties hebben hun nut bij medische behandelingen en bij kankerbehandelingen.
Het kan een levensreddende ingreep zijn in bepaalde uitzonderlijke gevallen
(bijv. wanneer blokkering van de darmfunctie verwijderd moet worden teneinde
te voorkomen dat de patient sterft tengevolge van secundaire complicaties).
Toch wordt bij de moderne orthodoxe kankerbehandeling het gebruikelijk geacht
te opereren als zijnde dit de automatisch verbonden voorwaarde voor behandeling.
Bij operaties van plaatselijke gezwellen is de ingreep nuttig in zoverre het
gezwel niet kwaadaardig is.
Vaak wordt de diagnose gesteld door middel van biopsie, een operationele techniek
waarbij een deel van het verdachte kankerweefsel verwijderd wordt door instrumenten
of tangen teneinde een stukje weefsel onder de microscoop te kunnen onderzoeken.
Niettemin wordt in vele kringen gesteld dat operaties in het algemeen en zelfs
een eenvoudige biopsie voor het kankerachtige gezwel de neiging doen ontstaan
om zich te verspreiden en uit te dijen terwijl zonder deze ingreep het gezwel
waarschijnlijk plaatselijk was gebleven. Dr LUCIUS DUNCAN BULKLEY schreef al
in 1921 : "Een biopsie in kankergevallen is altijd een uiterst aanvechtbare
zaak, aangezien de ziekte de neiging heeft zich daardoor te verspreiden... Mijn
lange ervaring heeft mij geleerd dat hoe meer biopsieën worden toegepast
des te meer autopsieën (lijkschouwingen) er zijn".
Enige tientallen jaren later schreef dr GEORGE CRILE Jr (in
1955) dat de groei van kankergezwellen niet aan regels beantwoordt. Bepaalde
typen tumoren, in het bijzonder die van de schildklier en van de prostaat, kunnen
klein en onschadelijk blijven gedurende een groot aantal jaren, zelfs het gehele
leven. Vandaag echter bestaat de neiging van de specialisten om onmiddellijk
alle gezwellen, groot of klein, kwaadaardig of niet te opereren.
In de laatste tijd hebben de steeds verder voortschrijdende technologie en systemen
waarmee het leven verlengd kan worden het toepassen van zeer radicale ingrepen
in grote mate aangemoedigd. Niet alleen worden lokale gezwellen verwijderd maar
ook gehele organen, ledematen en grote delen van het lichaam. Dr GEORGE T. PACK
van de Cornell universiteit in New York maakt het standpunt van de chirurg duidelijk
door met veel aplomb in de Encyclopedia Brittanica van 1960 te schrijven dat
het "toepassen van chirurgische ingrepen beperkt wordt door de graad van
onmisbaarheid van het orgaan dat moet worden opgeofferd bij de operationele
ingreep". Echter geeft hij toe dat "de extreem radicale aard van de
operationele behandeling van kanker de tegenpool is van de conservatieve chirurgische
behandeling van gevallen van ontstekingen..."
In zijn artikel in de Brittanica somt dr Pack in detail op
hoe de chirurgie wordt toegepast bij de moderne kankerbehandeling. Bij holle
organen zoals de slokdarm, de dikke darm en de maag worden bepaalde delen weggesneden
waarbij daarmee in verbinding staande organen gebruikt worden om de functie
van de verwijderde delen te herstellen. Daar waar twee organen aanwezig zijn
-ogen, testikels, longen, nieren- en een ervan een kankergezwel ontwikkelt,
wordt dit meestal in zijn geheel verwijderd op grond van de theorie dat het
andere orgaan de last van beide kan dragen. Inwendige organen zoals het strottenhoofd,
de slokdarm, de maag, de dikke darm, de endeldarm, de alvleesklier en de blaas
worden soms geheel verwijderd, waarbij de patient "in leven kan blijven,
geholpen door een groot aantal uiteenlopende maatregelen".
Kankergezwellen, die zich verspreiden naar de lymfeklieren van de oksels of
de lies worden meestal behandeld door een volledige amputatie van het onderliggende
weefsel en aangrenzende lichaamsgedeelten. Kwaadaardige carcinomen in de botten
of in zacht weefsel zoals spierweefsel die nogal eens worden aangetroffen in
de ledematen, worden in een groot aantal gevallen behandeld door amputatie van
de arm of van het been "inclusief de schouder of het heupgewricht".
MAURICE NATENBERG schrijft onder het pseudoniem Nat Morris in de Cancer Blackout
(Regent House, Los Angeles, 1976) : "Opereren is de ideale behandeling
van kanker - van het standpunt van de operateur bezien. Hij werkt snel en hij
eist hoge honoraria voor zijn werk. De patient die de eerste operatie overleeft,
heeft misschien een tweede nodig, en dan een derde naarmate het gezwel terugkeert
in verschillende delen van het lichaam. Bij iedere operatie moeten de kosten
op tafel worden gelegd voor ziekenhuisbehandeling, meer röntgenfoto's,
laboratoriumproeven, operatiezaal en narcotische behandeling, bloedtransfusies
en verdere verpleging. Daarom zijn de bestaande belangen in operationele behandelingen
zeer groot".
De engelse arts F.W. FORBES ROSS schreef al in 1912 : "Al mag dan een chirurg
zijn hele leven doorbrengen met het snijden in zijn buurman met verbazingwekkende
handigheid,... en met ongeëvenaard succes als een wegsnijder van kankergezwellen
die uitgesneden kunnen worden, toch zal hij aan het eind van zijn leven, hoewel
hij een reputatie heeft opgebouwd van een goed chirurg, niets hebben achtergelaten
dat de mensheid ook maar een jota verder brengt tot de werkelijke oplossing
van het probleem - de oorzaak en daardoor het geneesmiddel van kanker".
DE BEHANDELING DOOR BESTRALING
De toevallige ontdekking van röntgenstralen door WILHELM CONRAD RÖNTGEN
in 1895 heeft de kanker-behandeling zijn tweede meest gebruikte therapie verschaft
die men de bestralingstherapie noemt en ook wel radiotherapie en tevens de medische
wetenschap met een uiterst belangrijk instrument verrijkt om een diagnose te
stellen (radiologie).
X-stralen werden niet gedefinieerd als afzonderlijke deeltjes tot vijf jaar
na hun ontdekking door Röntgen. Tot vrij laat in de twintigste eeuw wist
men heel weinig van hun eigenschappen. Dit gebrek aan kennis was echter geen
beletsel voor hun gebruik bij de diagnose en behandeling van kanker.
Wanneer zij door levend weefsel worden geabsorbeerd doen X-stralen electronen
verplaatsen waarbij elektrische ontladingen optreden - een proces dat wij ionisatie
noemen. Deze ionisatie komt tussenbeide in het metabolisme van cellen en veroorzaakt
wonden, slecht functioneren of zelfs de dood van de cel. In 1896 werden de eerste,
patienten die aan borst- en maagkanker leden bestraald ; zij overleefden de
bestraling niet. In 1912 schreef dr F. W. Forbes Ross : "De eerste proef
met X-stralen als behandeling van kanker was de duisterste van alle sprongen
in het duister".
Een jaar na de publicatie van Forbes Ross' boek werd met zekerheid aangetoond
dat X-stralen tumoren veroorzaakten. Voor de eerste wereldoorlog begonnen medici
die zonder voorzorgen met X-stralen hadden gewerkt, vingers en handen te verliezen
tengevolge van de geheimzinnige straling. In 1920 stierven zij aan kankergezwellen
door bestralingen veroorzaakt. De toepassing van X-stralen en de bestralingstherapie
levert klassieke voorbeelden van lichamelijke beschadiging, bij een medicus,
veroorzaakt door diagnose of behandeling. Het feit dat bestraling kanker veroorzaakt
is aangetoond in zeer veel geschriften. Het vóórkomen van leukemie
bij slachtoffers van de Hiroshima en Nagasaki atoombommen bleek in rechtstreekse
relatie te staan tot hun afstand van het centrum van de explosie. Leukemie komt
vaker voor bij radiologen dan andere artsen. In de jaren dertig en veertig werden
duizenden kinderen behandeld met bestraling teneinde te grote amandelen te doen
krimpen. Jaren later had een kwart van deze kinderen (van de 1200 in 1975 opgespoord)
kanker gekregen aan de schildklier en een van de drie tumoren was kwaadaardig.
Niettemin schrijft dr LUTHER BRADLEY van het vermaarde Hahnemann
Medical College in Philadelphia : "In 1976 wordt 50 procent van alle patienten
in de V.S. waarbij men kanker constateert, door bestraling behandeld".
Bovendien zijn röntgenstralen belangrijk geworden bij de diagnose van de
helft van alle kankergezwellen, vooral die welke niet waarneembaar zijn voor
het oog of door betasting. Radiologie is een standaard diagnostisch instrument
geworden voor vele andere ziekten en kwalen waarbij artsen en tandartsen zeer
vaak röntgen-apparaten bij hun behandelingen gebruiken. Röntgenbestraling
wordt ook verlangd voordat men tot een algemeen ziekenhuis wordt toegelaten.
Op 14 april 1975 bericht het tijdschrift Newsweek dat "wetenschapsmensen
vastgesteld hebben dat 40 eenheden gewoonlijk de uiterste veiligheidsgrens is
bij totale blootstelling van het lichaam aan niet-therapeutische bestraling
tijdens een mensenleven". (Deze nieuwe schatting van 40 eenheden is daarmee
verminderd tot 4 procent van het cumulatieve totaal dat door "experts"
in 1960 schadelijk werd geacht). Maar uit een onlangs gepubliceerde studie in
de staat Pennsylvania blijkt dat de hoeveelheden bestraling in de overheidsziekenhuizen
varieerden van 0,25 eenheden tot 47 eenheden per onderzoek. De dosering hangt
meestal af van de bekwaamheid van de radioloog en de volmaaktheid van de apparatuur.
Voor een patient is het vaak moeilijk om uit te vinden welke hoeveelheid bestraling
met X-stralen hij bij een diagnose krijgt toegediend. Bij een onlangs gehouden
onderzoek in een aantal grote ziekenhuizen in Washington was door de bestralingstechnicus
aan patienten meegedeeld dat deze zelf niet de nauwkeurige dosis wist van de
bestraling die werd toegepast, maar dat die in elk geval "erg klein"
was.
Het getal van 40 eenheden als de "uiterste veiligheidsgrens" bij bestralingen
voor diagnose wordt gewoonlijk door duizenden eenheden overtroffen wanneer kankerpatienten
onderworpen worden aan intensieve bestraling op speciale delen van het lichaam.
Het leerboek voor operatie-verpleegsters bevestigt "dat het aantal gevallen
van kanker van de huid, de beenderen en longen twintig jaar na bestraling steeds
meer toeneemt".
Wij kunnen aannemen dat deze verschijnselen nog veel meer zullen toenemen. Pas
laat in de jaren vijftig werd een techniek ontwikkeld waarbij diep doordringende
bestraling (van meer dan twee miljoen volt) toepasbaar werd, en de eerder toegepaste
doseringen daarbij vergeleken miniem waren.
Het doel van bestralingstherapie is hetzelfde als dat van
de chirurg: de tumor verwijderen door deze weg te branden in plaats van weg
te snijden. Vaak wordt bestraling toegepast in samenhang met chirurgische ingrepen
en soms in plaats daarvan (wanneer bepaalde organen inoperabel zijn).
In de Encyclopedia Brittanica legt Pack het volgende uit : "Het doel van
de bestralingstherapeut is het toebrengen van grote schade aan kankercellen
met zo min mogelijk schade voor aangrenzend normaal weefsel in de hoop de weegschaal
te doen doorslaan zodat de normale afweer van het lichaam de overhand krijgt".
Pack erkent echter dat "wanneer een te grote dosis wordt toegediend de
groei van het gezwel eerder toeneemt dan afneemt omdat de remmende werking van
het gezonde omringende weefsel verloren is gegaan."
Het is duidelijk dat dr Pack in zijn analyse een belangrijk ding over het hoofd
ziet, nl. het feit dat de meeste gezwellen bestaan uit carcinogene en niet-carcinogene
cellen. Het doel van de bestraling is de grootte van het gezwel te verminderen
; X-stralen hebben echter geen onderscheidingsvermogen en de niet-carcinogene
cellen van de tumor worden ook vernietigd. Het resultaat kan daardoor een verhoogd
percentage of een hogere concentratie van kwaadaardige cellen zijn. De bestralingstherapie
bevordert rechtstreeks de verspreiding van kankercellen, inclusief de metastasen
van vroegere lokale kleinere gezwellen. Bestraling verzwakt of vernietigt de
productie van witte bloedlichaampjes die het voornaamste afweermechanisme vormen
tegen ziekten als kanker. Die verminderde onvatbaarheid maakt iemand ook ontvankelijk
voor een groot aantal infecties en ziekten zoals longontsteking.
Wanneer de patient longontsteking krijgt en daaraan sterft na toepassing van
bestraling wordt de longontsteking officieel opgegeven als doodsoorzaak.
Bestraling heeft vele andere nadelen, zoals ernstige symptomen van bestralingsziekten
(misselijkheid, onvrucht-baarheid, weefselaandoeningen en huidaandoeningen die
lijken op ernstige derdegraadsverbrandingen en verlamming). In een brief aan
de schrijver EDWARD GRIFFIN van World without Cancer schrijft dr JOHN RICHARDSON
: "Ik heb patienten gezien die verlamd waren door kobaltbestraling van
hun ruggengraat... Wij zijn de kanker de baas geworden, maar het gevolg van
de bestraling is wel dat de patienten niet meer kunnen lopen..."
In de begindagen van de bestralingstherapie werden X-stralen toegepast met een betrekkelijk laag voltage en soms werd radium rechtstreeks in het gezwel aangebracht. Deze lage voltagebestraling is nu vervangen door diep doordringende hoge energiebestraling, geproduceerd door massieve, vele miljoenen dollars kostende kobaltapparaten, met rechtstreekse versnellers en betatronen. Radio-isotopen kunstmatig voortgebracht door elementen bloot te stellen aan atoombombardementen, werden het eerst toegepast in de jaren veertig als bijprodukten van de research naar de atoombom. Er zijn twee bestralingsisotopen die tegenwoordig veel worden toegepast, nl. kobaltbestraling en jodiumbestraling. Kobaltbestraling wordt rechtstreeks op de huid gericht met de bedoeling aan de oppervlakte liggende tumoren te bereiken en capsules met radiumsubstanties worden in lichaamsholten ingebracht zoals de baarmoeder en de dikke darm. Aangezien de schildklier de neiging heelt om jodium te verzamelen is het resultaat van het toedienen van jodiumbestraling dat het schildklierweefsel heel veel jodium opslaat in de verwachting dat kanker op die plaats wordt uitgeschakeld. Radongas of andere radioactieve elementen worden soms in naalden van verschillende lengte ingebracht in een dieperliggende tumor.
Bij patienten die volgens de medici "hopeloos" zijn
wordt zowel de bestralingstherapie als de chemotherapie toegepast om de gevolgen
van de kwaal te verzachten, een behandeling die de ernst van de toestand verhult.
Dr MARVIN ROTMAN, directeur van de afdeling radiotherapie aan het New York Medical
College schreef in 1976 "Verzachting is nodig om het gevoel van zich
goed voelen van de patient te stimuleren... Bestraling... vergroot het zelfrespect
van de patient en verhoogt de toewijding van de verpleegsters".
Bij de behandeling van kanker zijn de verschillende soorten bestralingstherapie,
net zo als de operaties, voor het grootste gedeelte mislukkingen gebleken. Dr
WILLIAM POWERS, radioloog en directeur van de Division of Radiation Therapy
at the Washington University School of Medicine (St. Louis, Missouri) verkondigde
al op het Zesde Nationale Kankercongres in Denver, Colorado in 1968 : "Hoewel
al tientallen jaren zowel voor als na operaties bestraling werd toegepast, is
het niet mogelijk onweerlegbaar te bewijzen dat deze gecombineerde behandeling
enig gunstig gevolg heeft." In het Journal of the American Medical Associarion
schrijft dr PHILLIP RUBIN, hoofd van de afdeling radiotherapie aan de universiteit
van Rochester Medical School (New York) : "De klinische bewijzen en de
statistische gegevens die in talrijke overzichten worden vermeld tonen aan dat
geen verbetering in overleving bereikt is door naast operaties bestraling toe
te passen".
CHEMOTHERAPIE
Het toepassen van geneesmiddelen - chemotherapie - met de
bedoeling kankercellen te vernietigen is de jongste van de drie belangrijkste
orthodoxe therapieën. De meeste anti-kankergeneesmiddelen hebben hetzelfde
effect als bestraling. Het verschil met röntgenstralen bestaat echter daarin
dat deze geneesmiddelen niet gericht kunnen worden op speciale carcinomen in
het lichaam maar daarentegen vrij in het bloed circuleren en daardoor gezonde
cellen beschadigen die ver van de tumorverwijderd zijn. Slechts zelden worden
anti-kankergeneesmiddelen met uitsluiting van andere methoden gebruikt. Prof.
JOSEPH R. BERTINO van de Yale universiteit legt uit: "Wanneer er aanleiding
is om chemotherapie toe te passen worden er veel geneesmiddelen tegelijkertijd
toegediend... De behandeling met geneesmiddelen gaat vergezeld met operaties
en/of bestraling".
Alle chemische middelen die men gebruikt op patienten om kanker te bestrijden
zijn giftig. Niet alleen wanneer de dosis te groot is of door bijwerking, maar
primair. Deze op de cellen werkende giftige stoffen kunnen geen onderscheid
maken tussen kankercellen en gezonde cellen,maar alleen tussen snelgroeiende
en langzaam groeiende cellen (kwaadaardige gezwellen groeien zeer snel). Het
gevolg is dat kankerbestrijdende geneesmiddelen niet alleen de kwaadaardige
cellen aantasten, maar ook de gezonde cellen door het gehele lichaam die de
neiging hebben sneller te groeien dan andere zoals het ruggemerg, cellen in
de ingewanden, in de geslachtsorganen en in de haarzakjes. De meest voorkomende
resultaten bij de behandeling met chemische middelen lijken enigszins op de
gevolgen van bestraling, nl. hevige misselijkheid en diarrhee, verlies van eetlust,
haaruitval, onvruchtbaarheid, beschadiging van gezicht en gehoor en bloedvergiftiging.
In The Patchwork Mouse (New York, Anchor Press/Doubleday 1976) schrijft JOSEPH
HIXSON : "De chemotherapie kan fatale bloedingen tengevolge hebben, hart
of longen beschadigen en praktisch de witte bloedlichaampjes uitschakelen, waardoor
de patient zeer vatbaar is voor dodelijke infecties waartoe de mogelijkheid
in de ziekenhuizen altijd groot is".
Er zijn drie soorten chemische middelen die bij chemotherapie het meest worden
toegepast : alkali-achtige verbindingen, antimetabolieten en bepaalde antibiotica.
De alkali-verbindingen en antimetabolieten werken in op de biosynthese van de
nucleïnezuren die voor afzonderlijke cellen nodig zijn voor de celdeling.
Speciaal de anti-metabolieten werken verraderlijk : omdat zij zeer veel lijken
op bepaalde essentiële voedingsstoffen voor de cel worden zij gemakkelijk
door afzonderlijke cellen opgenomen als normale voedingsstoffen. Uiteindelijk
gaan deze dood omdat de celdeling wordt geblokkeerd. De antibiotica die bij
de chemotherapie worden toegepast zijn te sterk om bij ontstekingen te worden
gebruikt, maar de laatste tijd worden zij toegediend bij lijders aan acute leukemie.
De anti-kankergeneesmiddelen zijn in zo sterke mate giftig dat er weer tegengiften
moeten worden toegediend om de patient in leven te houden.
In een artikel in Newsweek van 7 april 1975 (waaruit weer blijkt dat de massamedia
blindelings de orthodoxe therapieën aanvaarden) wordt vermeld dat er veelbelovende
resultaten zijn bereikt met behulp van een therapie waarbij methotrexaat wordt
toegepast, een antimetaboliet. Deze werd beproefd op tien kinderen die in het
laatste stadium van kanker verkeerden. Newsweek vermeldt "dat in acht van
de tien gevallen de kanker na de eerste behandeling reeds verdween... maar dat
zij allen binnen drie jaar stierven tengevolge van een terugkeer van de kwaal
of andere complicaties". Dit resultaat is niet ongewoon na de toepassing
van chemotherapie.
Precies zoals de technologie van de bestralingstherapie, heelt
ook de chemotherapie zijn oorsprong tijdens de oorlog, in dit geval bij de ontwikkeling
van gifgassen tijdens de tweede wereldoorlog. Tegen het eind van de veldtocht
in Italië slaagden duitse strijdkrachten erin een amerikaans schip met
mosterdgas, dat in de haven van Napels vooranker lag op te blazen. Een aantal
doktoren met een grote opmerkingsgave namen waar dat veel amerikaanse zeelieden
daardoor stierven tengevolge van vergiftiging van het ruggenmerg (bloedarmoede
en gebrek aan witte bloedlichaampjes die in het ruggenmerg worden geproduceerd).
Men kwam daarom al snel tot de conclusie dat het nitrogene mosterdgas misschien
een goede therapie zou vormen tegen leukemie, een bloedkanker waarbij een overvloedige
produktie van onvolgroeide witte bloedlichaampjes ontstaat.
Kort na de oorlog slaagde dr SIDNEY FARBER uit Boston erin het leven van
verschillende leukemiepatienten te verlengen door methotrexaat toe te dienen.
Plotseling verwierf de chemotherapie de status van "betrouwbare" kankertherapie.
Spoedig daarna werden andere anti-kankergeneesmiddelen beproefd. Vele door particuliere
farmaceutische industrieën met overheidshulp.
Het National Cancer Institute (NCI) is op het ogenblik bezig
met het uitvoeren van een jaarlijks 75 miljoen dollar kostend programma, waarbij
30.000 geneesmiddelen per jaar worden toegepast op dieren. Gemiddeld zeven nieuwe
geneesmiddelen per jaar worden goedgekeurd voor gebruik door menselijke kankerpatienten.
Na ongeveer dertig jaar proefnemingen werden echter minder dan veertig geneesmiddelen
goedgekeurd. Uit een rapport van het Southern Research Institute van 13 april
1972 blijkt dat bij laboratoriumproeven al deze "goedgekeurde" geneesmiddelen
kanker veroorzaakten in oorspronkelijk gezonde dieren. Dr DEAN BURK, een deroprichtersvan
het NCI somde in een brief aan de directeur van het NCI, dr FRANK RAUSCHER de
negatieve gevolgen op van het toepassen van anti-kankergeneesmiddelen:
"Ironisch genoeg zijn praktisch alle chemotherapeutische geneesmiddelen
die op het ogenblik zijn goedgekeurd om op kankerpatienten toe te passen ten
eerste in hoge mate giftig in de thans toegepaste doseringen; ten tweede vernietigend
voor de aangeboren afweer van de patienten tegen een groot aantal ziekten, inclusief
kanker, en ten derde in hoge mate carcinogeen."
De chemotherapie wordt vaak, hoewel niet altijd, als een laatste redmiddel toegepast
nadat operatie en bestraling gefaald hebben. Dr VICTOR RICHARDS legt in The
Wayward Cancer Cell (University of California Press, 1972) het volgende uit
: "De chemotherapie vervult een bijzonder waardevolle rol bij het scheppen
van vertrouwen van de patienten in de juiste medische therapie en voorkomt bij
de hopeloze patienten het gevoel door de geneesheren in de steek te worden gelaten".
Een vroegere schrijver voor Science, DANIEL S. GREENBERG,
die op het ogenblik Science and Government Report redigeert, publiceerde en
becommentariëerde in het nummer van 1 december 1974 de statistieken op
kankeroverleving in de V.S. zoals die door de regering waren opgesteld. Zijn
conclusie luidde:
"Het griezelige van het feit is dat het publiek een in nevelen gehuld beeld
krijgt van de vooruitgang in het kankeronderzoek en de behandeling daarvan.
Een rechtstreeks gevolg van deze teleurstelling is een steeds toenemende macht
van het kanker-establishment om op dezelfde wijze in steeds verhevigde mate
door te gaan. Wanneer de verslagen gunstig zijn bestaat er weinig aanleiding
om de uitgangspunten van de strategie te herzien...
Na 25 jaar is het percentage overlevenden bij de meest voorkomende soorten kanker
- 80 procent van alle gevallen - praktisch onveranderd. In sommige gevallen
zijn de overlevingspercentages waarschijnlijk zelfs achteruitgegaan". Men
dient daarbij in aanmerking te nemen dat de medische belanghebbenden overeengekomen
zijn een standaardtijd van vijf jaar aan te nemen voor overleven, nadat de diagnose
kanker voor het eerst gesteld is. Leeft de patient nog na die vijf jaar dan
is hij genezen. Wanneer derhalve een kankerpatient vijf jaar en een dag na de
diagnose overlijdt wordt hij tegelijkertijd genezen geacht terwijl hij overleden
is.
Daar de afgelopen twee decennia de kosten van medische behandeling enorm stegen,
hebben overheid en publiek enorme bedragen aan dollars beschikbaar gesteld voor
de oorlog tegen kanker. Jaarlijks vergt deze oorlog in de V.S. tien tot twintig
miljard dollar. Maar evenzeer als bij de oorlog in Vietnam is de overwinning
ook in deze oorlog een illusie. Tien jaar geleden brachten strategen van het
Pentagon "pacificatie" van afzonderlijke dorpen in praktijk, hetgeen
in de nieuwe taal van onze moderne tijd betekent : volledige vernietiging van
het vietnamese platteland. Dit was de technologische "oplossing" van
het probleem van de revolutie door de inheemsen.
De kosten van de behandeling van een kankerpatient in de V.S.
bedragen op het ogenblik gemiddeld 21.000 dollar per patient. De statistieken
van het NCI over de overlevingspercentages bij de belangrijkste kankeraan-doeningen
(longen, dikke darm, baarmoeder en borst) waaraan de helft van de kankerpatienten
lijdt, bewijzen dat de bestede bedragen uiteindelijk weinig verbetering geven.
In 1940 bv. leefde 47 procent van alle vrouwen met baarmoederkanker meer dan
vijf jaar. In 1969 bedroeg dit percentage 56 procent. De overlevingspercentages
bij longkanker liepen op van vier tot negen procent in dezelfde periode. Tussen
1950 en 1969 bleef het percentage overlevenden van lijders aan kanker van maag,
endeldarm, alvleesklier en slokdarm gelijk of' nam iets af. Niettemin gaat de
American Cancer Society onverdroten door overal ten onrechte te verkondigen
dat "kanker het meest geneesbaar is van alle belangrijke ziekten... Er
is wel vooruitgang gemaakt bij het onderzoek naar kanker... Bijna drie miljoen
in leven zijnde Amerikanen die gered werden van kanker zijn het bewijs van vooruitgang
in het onderzoek en opleiding". (In een andere publicatie uit hetzelfde
jaar 1976 van de American Cancer Society (ACS) wordt gesteld dat anderhalf miljoen
mensen genezen zijn. De ACS doet geen poging haar cijfers en bronnen nader uiteen
te zetten). Dr Frank Rauscher, de vroegere directeur van het NCI en thans vice-president
van de ACS vervult de rol van echo van de ACS lijn in U.S Medicine van januari
1975 : "In de jaren dertig was het vijf jaar overlevingspercentage bij
kankerpatienten een op vijf, vandaag is dit cijfer een op drie". Hij
vermeldt echter niet dat deze vooruitgang bijna geheel bereikt was vóór
1955. De juiste oorzaak van dit gestegen overlevingspercentage is niet duidelijk,
want er is een theorie volgens welke de toepassing van antibiotica en bloedtransfusies
in de jaren veertig het directe overlijdenspercentage tengevolge van operaties
sterk verminderde. Greenberg zegt hierover : "Het was niet zo dat (na 1955)
meer patienten van kanker genazen : zij overleefden kankeroperaties waar zij
vroeger aan gestorven zouden zijn".
Het één jaar overlevingspercentage van patienten in de V.S. die
aan darmkanker leden, nam af van 68 procent in 1965 tot 65 procent in 1971.
Greenberg schrijft deze vermindering toe aan "nieuwe methoden van behandeling".
De overlevingspercentages bij bepaalde andere soorten kanker inclusief baarmoederkanker
zijn de laatste jaren eveneens teruggelopen.
In het gezaghebbende engelse medische tijdschrift Lancet houden zes britse artsen
in 1975 vol dat de "aggressieve" behandeling van leukemie, inclusief
chemotherapie, slechter resultaten oplevert (bijverschijnselen en sneller overlijden)
dan eenvoudige behandelingen (met inbegrip van het handhaven van een goede eetlust
en dieet en het op zijn gemak stellen van de patient hetgeen mogelijk is wanneer
de drastische, verzwakkende therapieën worden vermeden).
Volgens de laatste statistieken van de amerikaanse regering heeft in het algemeen
een amerikaanse kankerpatient een overlevingskans van vijfjaar die in de laatste
kwart eeuwtwee procent gestegen is. Volgens John Hixson was reeds in 1971 "meer
behandelingsapparatuur van kanker in ziekenhuizen aanwezig dan ooit dagelijks
kon worden gebruikt. Men kon niet alleen patienten bestralen met electronen
ter sterkte van een megavolt, en levertumoren vaststellen ter grootte van een
halve pink met radioactieve peilingsapparaten van 100.000 dollar, maar er waren
reeds apparaten die konden ademen voor de patienten en hun bloedstroom aan de
gang hielden lang nadat in hun brein geen enkel levensteken meer aanwezig was".
Ondanks deze enorme show van technologie, klaagde dr NORMAN
G. ANDERSON, directeur van het Basic Research at Sloan-Kettering Memorial Cancer
Institute te New York : "Het simpele feit blijft bestaan, dat er weinig
verandering is teweeggebracht in het algemeen menselijk sterftecijfer aan kanker
die rechtstreeks kan worden toegeschreven aan onze georganiseerde pogingen kanker
te bestrijden."
"Cijfers liegen niet maar leugenaars kunnen cijferen", is een oud
gezegde dat men wel scherp voor ogen moet houden wanneer men kennis neemt van
de onafgebroken beweringen van het medisch establishment dat kanker steeds vaker
"genezen" wordt en dat de situatie ondanks een stijgend sterftecijfer
van kanker toch op een of andere wijze vooruitgaat.
Go2.be: Uw Favoriete Startpagina